Nieuw boek: Het meisje met de vlechtjes

Aansluitend aan de Nationale Hannie Schaft Herdenking werd een boek over Freddie Dekker-Oversteegen ten doop gehouden: Het meisje met de vlechtjes. Hieronder een uitleg van de auteur Wilma Geldof

FREDDIE OVERSTEEGEN – HET MEISJE MET DE VLECHTJES

Als vijftienjarig meisje verleidde Freddie NSB’ers die ze vervolgens fusilleerde. Samen met haar zus Truus en Hannie Schaft legde ze als knappe tiener diverse nazi’s om.

Dat las ik eind 2016 op internet. De werkelijkheid was genuanceerder. Freddie was (nog net) vijftien toen ze zich in 1941 aansloot bij het gewapend verzet. Zij en haar zus Truus verleidden hooggeplaatste nazi’s en lokten ze het bos in, waar ze werden gedood door verzetskameraden. Ze was toen geen vijftien meer, maar nog altijd schrikbarend jong.

Freddie is enorm belangrijk geweest voor het verzet – omdat ze een meisje was, want aan vrouwelijke daders werd niet gedacht. En omdat ze zo jong was. En met de rode strikken in haar vlechten zag ze er nog eens een paar jaar jonger uit dan ze was. Freddie kon verzetsdaden plegen zonder op te vallen.

Na Elke dag een druppel gif, een roman over een overtuigd nsb-kind, had ik weinig zin in een nieuwe oorlogsroman. Maar toen ik op het verhaal van Freddie Oversteegen stuitte, wist ik meteen: dit móét verteld worden. Door mij.

Weer een oorlogsroman? Ja, want geschiedenis is niet lineair, het is geen afgerond verhaal. Hoe wij nu over het verzet denken, is anders dan hoe er vlak na de oorlog over werd gedacht. Geschiedenis leeft. Dat maakt het interessant.

Op haar zeventiende pleegde Freddie haar eerste liquidatie. Wat doet dat met je op zo’n jonge leeftijd? vroeg ik me af. Kun je een ander mens (al gaat het om een uiterst gevaarlijke verrader) doden zonder zelf te veranderen? Hoe verwerk je dat? Kun je het aan als je er alleen voor staat? Als je geen woorden kent om te praten over wat je meemaakt? Als er constant verraad dreigt? Freddies heldhaftigheid intrigeerde me. En als schrijver zag ik de ingrediënten voor een gelaagd en tegelijk spannend verhaal.

Het lukte me om een afspraak met Freddie te maken. In de oude, kleine vrouw – recht van lijf en leden, een fleurige sjaal om het krullerige haar en snel van geest – zag ik flitsen van de jonge Freddie. Maar het eerste wat ze tegen me zei was: ‘Ik ga het niet doen, hoor. Ik ben oud, ik kan er niet meer tegen.’

Als we eerst maar een beetje aan de praat raakten, dacht ik. Zo ging het ook. Freddie vertelde, en haar nee werd een ja. We hadden een klik. En ik kwam geregeld bij haar langs, met haar favoriete mokkagebak. Zo kon ik – na Elke dag een druppel gif – de oorlog vanuit een tegengesteld perspectief ervaren.

Zowel Freddie als haar zus hebben in de oorlog trauma’s opgelopen die zij hun verdere leven met zich meedroegen. Over veel dingen wilde Freddie niet meer praten. Over díé dingen heb ik willen schrijven.

Waardering voor Freddie en Truus bleef uit na de oorlog. Als communisten werden zij als staatsgevaarlijk gezien. In de jaren vijftig vond zelfs nog een aanslag plaats op Freddie; er werd op haar geschoten. De dader is, merkwaardig genoeg, nooit opgepakt.

Freddie heeft, in tegenstelling tot haar zus, nooit het podium gezocht, maar het uitblijven van erkenning voor wat zij voor het verzet heeft gedaan, was pijnlijk. Toen Truus en zij, bijna zeventig jaar na de oorlog, uit handen van premier Rutte het Mobilisatie-Oorlogskruis voor hun strijd tegen de nazi’s ontvingen, betekende dat veel voor haar. ‘Dankzij u, en dankzij mensen als u, leven wij sinds 1945 in vrijheid; de grootste verworvenheid van onze rechtsstaat,’ aldus Mark Rutte.

Ik wil benadrukken dat het boek fictie is. Ik heb veel van wat Freddie vertelde letterlijk gebruikt, maar ik heb ook dingen veranderd. Elementen aan de werkelijkheid toegevoegd, elementen weggelaten. De historische feiten in het verhaal kloppen. Waar het mij in de eerste plaats om ging was een antwoord te vinden op de vraag wat dit zware verzetsverleden met Freddie heeft gedaan. Ik wilde een waarachtig verhaal schrijven, waar ik – natuurlijk – ook een eigen kleur aan heb gegeven.

Ik vind het bijzonder verdrietig dat Freddie het boek Het meisje met de vlechtjes niet meer heeft kunnen meemaken. Erkenning is nodig om zichtbaar te worden, om betekenis te krijgen. Hoewel ze het boek niet heeft gezien, heb ik haar er wel stukjes uit voorgelezen. Ze wist dat het boek er ging komen, en ze was blij met deze erkenning. Dát heeft ze wel meegekregen.

‘Aan een oorlog en zijn nasleep komt nooit echt een einde. Elke oorlog is altijd in een of andere zin onvoltooid verleden (…).’

Luc Huyse, 1991

 

Nationale Hannie Schaft Stichting

Deze website kwam tot stand met steun van Het Cultuur Fonds

© 2024, Nationale Hannie Schaft Stichting. Alle rechten voorbehouden.
Sitemap   |   Disclaimer   |   Cookies   |   website: Sbd design